TaalTaal Logo
Site in het NederlandsSite in English
Vertaal met Google

Tú of usted? Je en u in het Spaans

Net als het Nederlands heeft het Spaans een 'je' en een 'u': tú en usted. Het verschil zit in hoe vaak je welke gebruikt, en dat hangt sterk af van het land waar je bent.

Kort antwoord: tú zeg je tegen vrienden, familie, kinderen en leeftijdgenoten. Usted zeg je tegen onbekende ouderen en in formele situaties. Let op: usted krijgt het werkwoord van hij/zij: ¿Cómo estás? tegenover ¿Cómo está usted? In het meervoud kiest Spanje tussen vosotros en ustedes. Latijns-Amerika gebruikt altijd ustedes.

1 Tú en usted

Tú (je)Usted (u)
¿Cómo te llamas?¿Cómo se llama usted?
¿Hablas inglés?¿Habla usted inglés?
Eres muy amable.Es usted muy amable.

In Spanje zeg je nog sneller tú dan in Nederland 'je', ook tegen een verkoper of je nieuwe collega. In veel Latijns-Amerikaanse landen hoor je usted juist vaker. In Colombia zeggen sommige mensen het zelfs tegen familie. In teksten zie je het vaak afgekort als Ud.

Tip van de docent: twijfel je, begin dan met usted. Zegt de ander puedes tutearme ('je mag je zeggen'), dan stap je over op tú.

2 Vosotros en ustedes

SpanjeLatijns-Amerika
informeel (jullie)vosotros habláisustedes hablan
formeel (u, meervoud)ustedes hablanustedes hablan

Leer je Latijns-Amerikaans Spaans, dan heb je dus één vorm minder te leren. Ook op de Canarische Eilanden en in delen van Andalusië zegt men ustedes tegen vrienden.

3 Vos in Latijns-Amerika

In Argentinië, Uruguay en een groot deel van Midden-Amerika zeggen mensen vos in plaats van tú, met eigen vormen: vos hablás, vos tenés, vos sos. Op A1-niveau hoef je dat niet zelf te gebruiken, maar herkennen is handig: met tú word je overal begrepen.

Zeg je usted tegen een twintigjarige in een bar in Madrid, dan kijkt hij even achterom of zijn vader soms achter hem staat.

Test jezelf

Je spreekt een oudere meneer aan bij een loket: ¿Cómo ___ usted? (estar)

está: usted krijgt de vorm van hij/zij.

Je vraagt twee vrienden in Mexico wat ze willen: ¿Qué queréis? of ¿Qué quieren?

¿Qué quieren? In Latijns-Amerika is het altijd ustedes, ook tegen vrienden.

Oefen hetLeer Spaans bij TaalTaal, in Den Haag en online
Liever met een docent? Uitleg lezen is een begin, spreken leer je door het te doen. Leer een taal in een kleine groep of privé, in Den Haag en online. Gratis intake